Extra vakterminologie
Precision: een
sprong waarbij je van het ene naar het andere obstakel gaat door middel van een
sprong. Je afstoot kan met één of twee voeten zijn maar de landing moet met
twee voeten samen zijn.
Standing precision: precision uit stand waarbij je dus met de twee voeten tegelijk landt.
Running precision: een precision die uitgevoerd is vanuit een aanloop. Hier kan de afstoot dus met één voet zijn.
Sticken: een landing waarbij de sporter enkele tellen in evenwicht kan blijven staan na het uitvoeren van een precision.
Aftikken: de landing van een precision waarbij de traceur op de rand van het obstakel landt, maar terug naar achteren valt. De precision is dus niet goed uitgevoerd, of de afstand was te groot voor de sporter.
Anckle thing: dit is het gevaar bij het uitvoeren van een precision. Als je met je tippen op het obstakel landt en je hielen zakken nog wat verder door, kan je een blessure krijgen aan je enkel. Dit kan opgelost worden door meer in te zetten op veiligheid tijdens de lessen freerunning.
Striden: een stride is elke afstoot op obstakels met één voet.
Plyo's: een plyo is elk afstoot op obstakels met twee voeten.
Vaults: een beweging waarbij je door middel van de handen het obstakel kan overschrijden. Bijvoorbeeld een speed, dash of thief vault.
Swings: een zwaaibeweging aan een toestel, waarmee je afstand aflegt.
Catleap: een sprong waarbij je in hang zult landen. Je hangt dus met je handen vast aan het obstakel
Underbar: Door een beweging beweegt de uitvoerder zich tussen twee horizontale baren of rekstokken.
Flips: de verschillende salto's die je kan uitvoeren. Bijvoorbeeld: frontflip, sideflip, wall-flip ...
Wall-run: de uitvoerder klimt op een verticale of schuine muur/obstakel.
180°/ 360°: een beweging die een halve of hele draai inhoudt.
Spotter: dit zijn andere helpers/traceurs die de uitvoerder zullen bijstaan. Dit kan overal zijn, zowel bij de afstoot, de beweging of de landing. Zij zullen de uitvoerder ondersteunen als het niet lukt.
Flow: je eigen flow ergens aan geven en in beweging blijven. Dit kan zowel de stijl als je vlotheid van je bewegingen zijn.
Splitfoot: met de voeten één voor één afstoten, zodat je meer snelheid kan behouden bij het afstoten.